Salie en tijm
Gisteren maakte ik na een dag hard werken een pan risotto met knolselderij, wortel en doperwten. Volgens het recept hoorde er ook salie in, maar dat hadden ze niet in de supermarkt. Een snelle google-opdracht bij het koelschap leerde me dat tijm een goede vervanger was. Dat zou een zelfde ‘aardachtige en peperige smaak’ hebben.
Het leverde een prima bord eten op, al vond mijn jongste dochter ‘die witte stukken’, de selderij, niet lekker. Mijn bewering dat het een smaak was die ze moest leren waarderen maakte geen indruk. Haar vaste tegenargument: de smaakpapillen van volwassenen zijn afgestompt, kinderen proeven beter. Dat heeft ze eens uit Het Klokhuis opgepikt, en ik heb er nooit veel tegenin te brengen.
Nou ja. Er bleef niet al te veel groente liggen. Na eten en vaat was het hoog tijd voor een avondwandeling, want mijn haastige tochtje naar de supermarkt en het roeren in de risottopan waren mijn enige lichaamsbeweging geweest.
Maar ik stond nog niet buiten, of de vermoeidheid sloeg toe. Misschien had ik iets te hard gewerkt? Als verdoofd sloeg ik links- en rechtsaf in de straten rond Oosterpark, Korreweg en Noorderplantsoen.
Tot ik de Grote Markt bereikte. Daar opende de stad zich weer, en mijn hoofd kennelijk ook, en ik kreeg in de gaten dat ik ‘Scarborough fair’ van Simon en Garfunkel in mijn hoofd had – of eigenlijk: één frase uit dat liedje. ‘Parsley, sage, rosemary and thyme. Parsley, sage, rosemary and thyme.’ En zo de hele tijd door.
Een vervelend, dreinerig liedje. Ik floot de melodie niet en ik zong niet, alleen de woorden maalden door mijn hoofd. En dat deden ze al een hele tijd, realiseerde ik me. Misschien al sinds ik had staan koken.
Verdwaasd keek ik om me heen. Op een berg stond ik niet, maar ik was wel op het hoogste punt van de stad neergedaald uit mijn gedachteloosheid. Nog eens knipperde ik met mijn ogen. Moest je kijken. Hoeveel mooier kon je een marktplein krijgen? Met zulke oude gevels en zo’n scheve toren. Zouden ze in Scarborough liedjes over ónze Grote Markt zingen?
Mijn jongste had het liedje op haar viool geoefend, daar was het allemaal mee begonnen, bedacht ik, en de salie en de tijm hadden de rest gedaan. Die tijm met die ‘aardachtige, peperige smaak’. Hm, had ik daar eigenlijk iets van geproefd? Was ik op weg om afgestompt te raken?
